Dieter van den Bergh over A.M.

Uit Eindhovens Dagblad van 26 juli 2018

Opnieuw bekeken: Boezeneren in de wijdse westhoek

ZOMERSERIE

Deze zomer bezoeken we plekken in Brabant die een rol speelden bij bijzondere kunstwerken. Deel 3: De grote leegte van de westhoek, aan de grens met Zeeland, het nauwelijks veranderde decor van ‘Merijntje Gijzens Jeugd’, de geëngageerde streekromans van schrijver A.M. De Jong, die opgroeide in deze wijdse uithoek.

Dieter van den Bergh 26-07-18, 11:00 

Aan de oevers van de Vliet, bij het Benedensas, vechten zwaluwen, mussen en rietgorzen om voorrang, vlinders en libellen fladderen door het hoge gras, zeilbootjes manoeuvreren zich door het sluisje. Op dit idyllische plekje, een oase in het groen in een uithoek van West-Brabant, werd tijdens carnaval een gruwelijke dubbele moord gepleegd, althans in de verhalen rond Merijntje Gijzen van A.M. De Jong.

Verminkt

‘Er lagen er twee, over elkaar gestuikt. In het licht van de flakkerende lamp herkenden ze Janekee en de grensjager. Donker blonk het weglopende bloed onder hen. Kreten van afschuw en schrik scheurden los, gillend gejammer van vrouwen.’ De grensjager en zijn geliefde werden gruwelijk verminkt en met een mes om het leven gebracht. De dader bleek de beste vriend van Merijntje, ‘de Kruik’, een landloper en stroper, die Merijntje later bij de plaatselijke koddebeier (veldwachter) per ongeluk verraadt. Kek’us ier Kruik, z’ebbe je mes truggevonne jong, bè’je nou nie blij? 

Merijntje Gijzen, het even intelligente als ondeugende achtjarige jongetje, sloot vriendschappen met een vagebond (Flierefluiter) en een stroper (die weinig geliefd was bij de brave arbeidersbevolking) en groeide uit tot een van de populairste figuren uit de Nederlandse literatuur, een West-Brabantse equivalent van Bartje, Dik Trom, Kees de jongen en Ciske de Rat. Niet in de laatste plaats door een verfilming (1936, met een debuterende Kees Brusse) en de immens populaire tv-serie uit 1973/74. 

Dialect

© ED

Schrijver A.M. De Jong (1888-1943) bracht zijn kinderjaren door in Nieuw-Vossemeer en De Heen, vlakbij het Benedensas. Voor Merijntje Gijzens Jeugd (1925-1927), geschreven in een mix van ABN en Steenbergs dialect, liet hij zich inspireren door deze omgeving: het boerenarbeidersmilieu rond die tijd, de armoede, de kerk (die niet deugde) en het onaantastbare gezag van de rijke herenboeren, waar zijn ouders voor moesten zwoegen als landarbeiders. Personages uit het boek als ‘Simpele Fons’, ‘Zotte Giel’, buurtschappen als Koevering, Kladde, Zwarte Ruiter en Notendaal: ze bestaan of bestonden echt. De carnavalsmoord uit het boek – een ‘vete tussen arm en rijk’ – werd ook echt gepleegd, maar dan bij De Heense Molen in 1888, en met maar één dodelijk slachtoffer. 

Zowel in het boek als in de serie speelt het Benedensas een belangrijke rol. Het buurtschapje, rond een historisch sluizencomplex, ligt aan de rand van de wijdse en lege Brabantse westhoek, aan het einde van een stiltegebied met slechts hier en daar een monumentale boerderij of een oorlogsbunker. Op dit muisstille plekje hoef je weinig moeite te doen om terug te dromen naar de tijd van Merijntje, die hier met zijn kornuiten ging ‘boezeneren’ (dialect voor rondstruinen en de bloemetjes buiten zetten). Langs de kreken, door de polders en door de uitgestrekte wildernis van schorren, slikken en gorzen bij het Volkerak. In 100 jaar is dit landschap nauwelijks veranderd. Alleen de nieuwe uitkijktoren op de Duitse bunker detoneert, en de windmolens die je vanaf boven in de verte ziet.

Ruige plaats

In Merijntje Gijzen werd het Benedensas beschreven als een ruige plaats waar de schippers op café wachten op hun boot in de sluis. Tegenwoordig is er tegenover de opgeknapte sluiswachterswoning opnieuw een café op het eilandje, of beter: een tamelijk sjieke uitspanning, het Beneden Sas, met een fraaie theetuin vol fruitbomen. Behalve wat teksten op VVV-borden geen Merijntje-toerisme hier: op het menu geen Merijntje-burgers, maar Beneden Sasburgers met boerenlandbrood, en ook in de boekenkast geen spoor van A.M. De Jong, wel van Goethe, Tolstoj en Kafka. Waar Merijntje en de familie Gijzen nu precies woonden, in het boek, daar zijn de meningen over verdeeld. Hoogstwaarschijnlijk ‘op’ De Heen, een typisch West-Brabants polderdorpje met lintbebouwing op de dijk, waar A.M. De Jong nog misdienaar was. De Heen is in de loop der jaren wél veranderd, aangetast door de toeristische tand des tijds. Het charmante bakstenen katholieke kerkje staat er nog in volle glorie, maar pal achter het historische hart van het huidige recreatiedorp ligt nu een camping en chaletpark. De schrijver zou zich omdraaien in zijn graf. Wat is hier gebeurd met zijn ‘lief Brabant’?

Het Benedensas bij De Heen, met links de plek van het café.
Het Benedensas bij De Heen, met links de plek van het café. © Foto Jan Stads / Pix4Profs

Schrijversmuseum in Nieuw-Vossemeer

In 1974 werd in Nieuw Vossemeer het A.M. De Jongmuseum gebouwd, voor de schrijver Adrianus Michiel De Jong, in 1888 hier geboren. Voor de deur kwam een beeld van Merijntje Gijzen, zijn beroemdste personage. Boven was een schrijverswoning. ,,Dat is niet meer van deze tijd”, zegt vrijwilliger Jan Bosters. ,,Die woning verhuren we nu, een bron van inkomsten om het museum in stand te houden.” A.M. de Jong was ,,natuurlijk een begrip voor ons ouderen”, zegt Bosters. ,,Maar als je de jeugd vraagt wie hij was, dan weten ze het vaak niet. Ook Merijntje kennen ze meestal niet, dat begint pas bij veertigers.” En die weten dan vaak weer niet dat De Jong nog veel meer schreef dan Merijntje alleen. Hij werkte bovendien als onderwijzer, kunstredacteur bij Het Volk en radiomaker bij de VARA. Al mochten zijn ‘rooie praatjes’ – SDAP-partijman De Jong was goed bevriend met Troelstra – lang niet overal beluisterd worden. ,,Hij was een soort Mathijs van Nieuwkerk van toen, hield boekenpraatjes op de radio die veel invloed hadden.” Zijn politieke kleur werd De Jong in 1943 fataal. Bij zijn huis in Blaricum werd hij doodgeschoten door SS’ers.

In het liefdevol opgezette museum is een permanente wand over de Watersnood (,,In Vossemeer praten we over voor en na de ramp”), een café en winkel uit grootmoederstijd, een tijdelijke expo over scheepvaart, maar vooral veel aandacht voor het enorme oeuvre van De Jong, inclusief een Merijntje-hoekje, zijn grote succes, goed voor waarschijnlijk zo’n half miljoen verkochte boeken. Er komen aardig wat mensen ‘van buiten’, aldus Bosters, maar niet meer zo veel als in de jaren zeventig. ,,Door de tv-serie kregen we busladingen toeristen, die wel ’s wilden zien hoe het hier nu echt was.” Het geboortehuis van De Jong, aan de Hogendijk moest na 1953 geruimd worden.

Het museum is open op zaterdagen tot 29/09 van 1330 tot 1630u en op afspraak. 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Maak je eigen website aan bij WordPress.com
Aan de slag
%d bloggers liken dit:
search previous next tag category expand menu location phone mail time cart zoom edit close